Noordelijke bio-economie moet nu de etalage in

De noordelijke provincies hebben veel aandacht voor de biobased economy, oftewel de groene economie. Er wordt hier keihard gewerkt aan nieuwe technieken en de kansen zijn groot. Maar het wordt nu wel tijd dat bedrijven en kennisinstellingen samen de boer op gaan om die technieken te vermarkten. De noordelijke bio-economie moet de etalage in, zo betuigen Cor Kamminga (directeur KNN Groep) en Jaap Jepma (directeur van Noordtij advies) in een opinie in het Dagblad van het Noorden.

Voor de zomer presenteerden de Wageningen Universiteit, de Rijksuniversiteit Groningen en Greenlincs het rapport Noord4Bio, dat gebaseerd is op de kansen voor het Noorden als het gaat om nieuwe inzichten en technieken in de groene economie. Belangrijkste conclusie was dat het Noorden alles in huis heeft om grootschalig producent te zijn voor de productie van groene chemicaliën, kunststoffen en veevoedereiwit. “We hebben de kennis, kunde en de kwaliteit beschikbaar”, aldus Kamminga en Jepma.

Het Noorden moet vanwege de concurrentie inzien dat het hard nodig is om de markt te ontsluiten. Duidelijk moet zien in welke behoeftes kan worden voorzien, hoe het regionale aanbod kan worden aangepast op de marktvraag en welke partijen voorlopers moeten gaan worden. Kortom: er moet marketing worden gevoerd.

Volgens Kamminga en Jepma zijn er zeker kansen voor het Noorden. Zo kunnen groene chemicaliën worden gebruikt in frisdrankflessen en tapijt en hebben bedrijven als Coca Cola, Lego en Ikea grote interesse in dergelijke technieken. Ook de samenleving heeft door dat biobased economy steeds belangrijker en noodzakelijker wordt.

In het Noorden zijn mooie voorbeelden. Zo produceerde Wetterskip Fryslan al bioplastic, maakte Cumapol in Emmen samen met BioBTX uit Groningen een groen polyester. Drentea en Huis Veendam maken werk van biocomposieten.

De biobased economy is kansrijk, maar er moeten nu stappen worden gezet. De bal ligt bij bedrijven, overheden en kennisinstellingen die de nieuwe technieken in de etalage moeten zetten. En dan is wel geld nodig voor het maken van bijvoorbeeld prototypen. Ook dat moet bij bovengenoemde partijen wegkomen, zo vinden de opiniemakers. “Zonder goed gevulde etalage weet men niet wat hier allemaal kan. En dan missen we de kans op een bloeiende economische sector”, aldus Kamminga en Jepma.

Bron: Leeuwarder Courant