HZPC boekt record omzet en brutomarge en keert € 7 dividend uit

HZPC, wereldleider in aardappelveredeling, maakt bekend dat tijdens de aandeelhoudersvergadering van 5 oktober jl. de geconsolideerde netto-omzet over het boekjaar 2016/17 is vastgesteld op € 318,5 miljoen. De brutomarge bedraagt € 59,3 miljoen en het nettoresultaat komt uit op € 8,5 miljoen.

Het dividend op HZPC-certificaten is bepaald op € 7 en ligt hiermee € 1,25 hoger dan vorig jaar en € 2 boven het vijfjaarsgemiddelde. Met deze netto-omzet en brutomarge boekt HZPC historische records. Het nettoresultaat is alleen over 2013/14 hoger geweest.

De overname van de activa en pootaardappelactiviteiten van KWS Potato en een acquisitie in Rusland, dragen bij aan de hogere HZPC-jaarcijfers. Daarnaast is de groei te danken aan het voortdurend groeiende pootgoedareaal en de daaruit voortvloeiende toenemende pootgoedproductie en -handel.

tabel verkocht pootgoedHZPC Holding bereikte het afgelopen jaar een mijlpaal met 800.000 ton aan verkochte pootaardappelen (ook in licentie).

Gerard Backx, CEO van HZPC Holding zegt: ”De volumestijging is slechts deels het gevolg van de gedane acquisities, maar vloeit bovenal ook voort uit de voortdurende autonome groei in de diverse werkgebieden van HZPC.”

Terugblik en toekomstperspectief

Het afgelopen jaar is een uitstekend jaar geweest voor HZPC, de aangesloten telers en certificaathouders. Backx: ”Het uitstekende resultaat stelt HZPC in staat om verder te investeren in bestaande en nieuwe markten, in nieuwe veredelingstechnieken en in de productontwikkeling. De investeringen in die activiteiten zijn het afgelopen jaar al gestegen conform plan en goede resultaten als deze stellen ons in staat verder te innoveren en expanderen.”

tabel resultaten

Voor het jaar 2017/18 verwacht HZPC wereldwijd een lichte stijging van het totale volume. Dit zal gepaard gaan met een lagere marge dan afgelopen boekjaar, veroorzaakt door de lage Europese consumptieaardappelprijzen en de als gevolg daarvan krappere markt voor gecertificeerd pootgoed.

HZPC´s investeringen in markten, veredeling en producten blijven volgens plan stijgen, waardoor het nettoresultaat 2017/18 duidelijk lager zal uitkomen dan in 2016/17. Wel verwacht HZPC de financiële doelstelling voor voldoende rendement op het eigen vermogen te behalen. Jaarlijkse winstfluctuaties passen bij de cyclische aardappelmarkt.

Dividendrendement 4,2%

Op 5 oktober jl. hebben de aandeelhouder (de Vereniging HZPC) en de Raad van Commissarissen van HZPC Holding b.v. de jaarrekening besproken en vastgesteld, en een bedrag van € 5,5 miljoen beschikbaar gesteld voor dividenduitkering. Dit resulteert in een dividend van € 7 per certificaat van aandeel, wat staat voor een dividendrendement van 4,2 procent bij een certificaatkoers van € 165,65 (juni 2017). De eerstvolgende beursdag waarop de koers opnieuw wordt vastgesteld is op 3 november 2017.

Netwerken Midden-Oosten op agribeurs in Utrecht

Netwerken Midden-Oosten op agribeurs in Utrecht

Het overkoepelende label Invest in Holland – waar ook de NOM deel van uitmaakt – presenteert zichzelf op 9 en 10 mei in Utrecht op de eerste Europese editie van het Global Forum for Innovation in Agriculture (GFIA). Deze internationale agribeurs strijkt na vier jaar Abu Dhabi neer op Hollandse bodem en dat biedt kansen voor de Nederlandse markt.

Het begrip ‘agriculture’ reikt veel verder dan landbouw. Deze sector heeft te maken met onder meer klimaat, biotechnologie, moderne ICT en big data (precision farming), machines, ziekte- en plaagbestrijding, energie en watermanagement. “In het Midden-Oosten is veel olie, maar te weinig voedsel, daarom zoeken ze in die regio innovatieve oplossingen voor de agrisector”, vertelt Joep de Vries, foreign direct investment manager bij de NOM. “Na vier beurzen in Abu Dhabi wordt het concept van de GFIA nu voor het eerst in Europa uitgerold. Dat Utrecht als beurslocatie is gekozen, is een unieke kans om bruggen te bouwen tussen Nederland en het Midden-Oosten.”

Partnerships
De achterliggende gedachte van deelname aan deze beurs is om – op termijn – veelbelovende bedrijven warm te maken voor vestiging in Nederland. Waarbij de NOM uiteraard de belangen van de drie noordelijke provincies dient. De Vries: “Het gezamenlijke beurspaviljoen van Invest in Holland op deze agribeurs is een experiment. Deze beurs heeft een vrij brede scope, dus het is de vraag welke partijen op deze eerste Europese editie afkomen. Toch willen wij hier vanuit alle Nederlandse regio’s aanwezig zijn, met allereerst een focus op inkomende missies en potentiële partnerships voor de Nederlandse markt.”

Pitchen
De samenwerkende partners van Invest in Holland halen innovatieve bedrijven uit alle hoeken van ons land naar het beurspaviljoen. “Beide beursdagen hebben we een spreekslot om uitgenodigde bedrijven en kennisinstellingen vijf minuten te laten pitchen, terwijl wij het geheel aan elkaar praten”, vertelt De Vries. “Daarmee hopen we bezoekers uit het Midden-Oosten en Europa naar onze stand te trekken, zodat wij vervolgens met hen in gesprek komen. Wat willen zij, wat zoeken zij en aan wie kunnen wij hen koppelen? Wij zetten onze netwerken in, maar bouwen ook aan nieuwe lijntjes en leggen zo een basis voor mogelijke vestiging in Nederland.”

Verkennen
Als foreign direct investment manager is De Vries altijd bezig met potentiële acquisities voor Noord-Nederland, maar hij koppelt ook kansen met collega’s van business development. “Als NOM zijn wij er natuurlijk net zo goed voor Noord-Nederlandse bedrijven die iets in het buitenland willen bereiken. Bovendien kunnen nieuwe partnerships op termijn leiden tot kansrijke acquisities. Alles hangt met elkaar samen en het begint met ontdekken, verkennen en je verdiepen in de businesscultuur en de behoeften van – in dit geval – de agrisector in het Midden-Oosten.”

Anders zakendoen
Ter voorbereiding op GFIA Europe bezocht De Vries in maart alvast de vierde editie van deze beurs in Abu Dhabi. “Daar leerde ik bijvoorbeeld dat ze in het Midden-Oosten zelden investeren in innovatieontwikkeling. Zij gaan het liefst voor concepten die zich al bewezen hebben en kiezen dan voor de full-option variant, zelfs als ze lang niet alle opties nodig hebben. Vervolgens rekenen ze erop dat de leverancier hen daarna – kosteloos – bij de hand neemt om te zorgen dat de aangeschafte innovatie goed uitpakt, ook als dat langer duurt. Dat vraagt een andere manier van zakendoen. Maar er valt ongetwijfeld nog veel meer te ontdekken, daarom staan wij op 9 en 10 mei paraat om kansen te spotten en om mensen en bedrijven met elkaar te verbinden.”

Meer weten? Neem contact op met Joep de Vries, jdevries@nom.nl of (06) 253 926 71.

Enquête proeftuin Smart Farming

Hogeschool Van Hall Larenstein is in samenwerking met Aeres Hogeschool Dronten en de NOM / Greenlincs een verkenningsonderzoek gestart naar de behoefte van een proeftuin Smart Farming voor MKB. Om meer inzicht te krijgen hebben ze een korte enquête ontwikkeld. Dit is een vervolg op een gestarte discussie in 2016 over dit onderwerp.

Om de behoefte van een proeftuin voor MKB inzichtelijk te maken, hebben de samenwerkende partijen een aantal vragen geformuleerd. Aan de hand van deze vragen proberen we te achterhalen waar de knelpunten zitten voor MKB bedrijven om zich te kunnen blijven ontwikkelen. Wat hebben zij nodig of te bieden voor elkaar en voor kennis-onderwijsinstellingen en proefbedrijven? Wie kan hen daarbij helpen? Hoe is dit het beste te organiseren? Uitgangspunt is dat MKB bedrijven ook gericht zijn op versterking van het innovatieve vermogen.

Enquete proeftuin smart farming

Graag vragen wij of u de enquête zou willen invullen. Het invullen duurt ongeveer 5 minuten en u zou ons er enorm bij helpen.

Mochten er vragen zijn, schroom niet contact op te nemen met Kees Lokhorst of één van de projectleiders.

Hoogland uit Ferwert wint Gouden Hef met sojavervangend veevoer

Het granen- en veevoederhandelhuis Hoogland uit het Friese Ferwert heeft tijdens de Landbouwbeurs in Leeuwarden de Gouden Hef gewonnen. Het bedrijf won de innovatieprijs voor de ontwikkeling van ‘Alkagrain’, een sojavervangend veevoer.

De jury noemt Alkagrain “een briljant alternatief voor de geïmporteerde Amerikaanse soja, met direct voordeel voor iedere melkveehouder. Duurzaamheid, een betere voederwaarde voor de koe en een lager fosfaatgehalte dan in soja.”

Alkagrain levert volgens de jury daarmee een bijdrage aan het oplossen van de huidige mest-problematiek. Bovendien wordt er gebruik gemaakt van voertarwe uit eigen land, waardoor het ook nog eens de afzetmogelijkheden van de Noord-Nederlandse akkerbouwsector vergroot.”

Bron: HooglandBV.nl

Rijk en bedrijfsleven steken 40 miljoen in landbouwinnovatie

Er komt in totaal 40 miljoen euro beschikbaar voor het stimuleren van innovatie in de landbouw en voedselproducerende industrie. De ene helft van het geld is afkomstig van het ministerie van Economische Zaken, de andere helft wordt geïnvesteerd door het bedrijfsleven.

Het ministerie steekt twaalf miljoen euro in twee investeringsfondsen waarbij onder meer Menzis, Rabobank en de TU Delft zijn aangesloten. Zij leggen nog eens hetzelfde bedrag op tafel.

De overige 16 miljoen euro gaat naar acht publiek-private projecten voor de ontwikkeling van onder meer efficiënte landbouwrobots, moderne datasystemen voor de detectie van bacteriën en slimme materialen voor de glastuinbouw.

Bron: Leeuwarder Courant

Broccoli-teler laat drone met landbouwmachines communiceren

Broccoli-teler Yde Roorda uit Ternaard kan niet wachten op het voorjaar. Dan kan hij namelijk met z’n drone over zijn land heen vliegen om inspecties van zijn gewassen uit te voeren. Roorda is ’s lands eerste boer met een diploma, waarmee hij ook echt mag vliegen met een lichte drone.

De drone vliegt straks in banen over de volle 170 hectare aan landbouwgrond van Roorda. De quadcopter verzamelt gegevens over biomassa, stikstof en de gezondheid van de broccoli, witte kolen, bloemkolen en uien. De gegevens kan hij ook nog eens gebruiken om z’n landbouwmachines aan te sturen. In theorie hoeft Roorda dan niet eens in de cabine plaats te nemen.

Volgens de boer heeft hij de investering van 15.000 euro in de drone zo terugverdiend, want hij hoeft waarschijnlijk minder kunstmest te strooien en kan ook besparen op gewasbeschermingsmiddelen.

Roorda werkt samen met dorpsgenoot Jan Wiersma, die z’n eigen dronefabriek heeft, en landbouwmechanisatiebedrijf Broekens. Ze ontwikkelden het eerste systeem in Nederland waarbij de drone kan ‘praten’ met de landbouwmachines. De partijen willen het systeem ook nog eens gaan uitbreiden met camera’s die de planten kunnen scannen op ziektes. Dan kunnen de machines precies die zieke planten volautomatisch verwijderen.

Uitdaging is nog wel de aanwezigheid van snel mobiel internet, wat nodig is om de communicatie tussen de drone en de machines op gang te houden. Ook vinden de partijen de regels voor het vliegen met drones nog te streng. Maar als die belemmeringen geen rol meer spelen, dan verwachten ze wel dat ook andere boeren met het innovatieve systeem aan de slag gaan.

Bron: Leeuwarder Courant

Data steeds belangrijker in de landbouw

Akkerbouwers worden steeds meer een slimme datamanager. Want het is juist de enorme stroom aan informatie die landbouwers kan helpen om hun oogst te optimaliseren. De bedrijven Crop-R en Dacom spelen daar slim op in. Ze bundelden onlangs de krachten en gaan nu verder onder de naam Dacom Farm Intelligence.

Crop-R hield zich voornamelijk bezig met het ontwikkelen van software voor het registreren en beheren van perceels- en bedrijfsgegevens. Ook is het de drijvende kracht achter Boer & Bunder, waarbij ze open data op perceelskaarten projecteren. Dacom is bekend van de adviessystemen gewasziekten en irrigatie en levert weerstations en bodemsensoren.

Beide bedrijven werkten al nadrukkelijk samen, maar fuseerden omdat datagedreven inzichten steeds belangrijker worden. Teeltregistratie is een eerste stap, maar Dacom Farm Intelligence wil de data ook gebruiken voor een nieuw online platform, dat de data veel toegankelijker moet maken.

Daarbij kun je denken aan de gegevens die een drone opmeet tijdens een vlucht over het perceel. Of gegevens over de bemesting. Aan de andere kant moet informatie over schimmelziekten en irrigatie ook snel oproepbaar en koppelbaar worden.

Uiteindelijk gaat software allerlei zaken voorspellen. Op basis van zaaidatum, temperatuursom en luchtbeelden kun je dan zien in welk stadium een gewas zich bevindt. Afwijkingen kunnen snel herkend worden.

Voor Dacom is het nu vooral een uitdaging om de systemen zo te maken, dat ze op perceelsniveau kunnen worden gebruikt. Dan ontwikkelt het bedrijf zich als een voorloper op het gebied van precisielandbouw.

Bron: Akker / Dacom Farm Intelligence

Drentse uitvinder strokenploeg wint innovatieprijs

Op woensdag 30 november 2016 heeft het Innovatiefonds voor telers de winnende innovaties van het najaar 2016 bekendgemaakt. Dit gebeurde op het Innovatieplein van de Tuinbouw Relatiedagen bij Evenementenhal Venray. De hoofdprijs ging naar Henk Pol met zijn werkgang ondergronds strokenploegen. Het behoud van organische stoffen en minder uitspoelen van nutriënten overtuigden de jury om deze innovatie tot winnaar uit te roepen.

De ingezonden innovaties zijn beoordeeld op de mate van innovatie, implementeerbaarheid, verbetering van productie, innovatief vermogen en de inbreng van de ondernemer. “Akkerbouwers en tuinders zijn creatief in het bedenken van oplossingen voor hun bedrijf. Het Innovatiefonds wil deze innovatie stimuleren en hun expertise delen met anderen”, aldus Doeko van ’t Westeinde, voorzitter van het Innovatiefonds voor telers. Het Innovatiefonds voor telers heeft uit inzendingen drie innovatieve ideeën van telers beloond met een financiële stimulans.

Ondergronds strokenploegen
De eerste prijs van € 3.000,- ging naar Henk Pol met zijn werkgang ondergronds strokenploegen. Door 10 cm onder het maaiveld stroken te ploegen loopt een teler minder risico bij de maïsteelt. “Maïs wordt weerbaarder, blijft langer droog bij extreem nat weer en de draagkracht bij oogst is aanzienlijk beter”, aldus Henk Pol. “Ook zorgt deze werkgang ervoor dat er minder nutriënten uitspoelen en organische stoffen behouden worden. Hiermee bespaar je organische stof en is er meer bodemleven door minder structuurschade.”

Introductie zoete bataatteelt in Nederland
De tweede winnende innovatie komt van Joep van de Bool uit Neer. Met het ontwikkelen van de zoete bataatteelt in Nederland is Joep geselecteerd door de jury. “Alle zoete bataat die in Nederland verkrijgbaar is, wordt geïmporteerd uit het buitenland. In West-Europa en Nederland is het product erg populair geworden”, vertelt Joep van de Bool. “Wij hebben in 2014 op kleine schaal geëxperimenteerd met het telen van de zoete bataat in Nederland. Na dit succes hebben we onze proef in 2016 vergroot.” Met de financiële stimulans wil Joep van de Bool de teelt van de zoete bataat doorontwikkelen. Hij won hiermee € 2.000,-. Ook won hij de publieksprijs van € 750,-. De publieksprijs van het Innovatiefonds voor telers is de prijs voor de beste innovatie bij agrarische ondernemers in akkerbouw en tuinbouw, gekozen door het publiek.

Toekomstgerichte teeltoptimalisatie boomkwekerij
Stefan Even van Boomkwekerij Even uit Sinderen won de derde prijs van € 1.000,-. Door werkgangen in de teelt van solitaire heesters en bomen te combineren wil hij de teelt verduurzamen. “Dit willen we realiseren door een zitmaaier om te bouwen tot een multifunctionele machine voor de duurzame teelt met grasbanen”, aldus Stefan Even. “Deze machine moet, naast het maaien, onkruid bestrijden en kunstmest strooien. Op deze wijze worden drie werkgangen in één handeling uitgevoerd. Dit bespaart kosten en arbeid.” Bij de ontwikkeling van de machine zijn Agricult BV en SaalTech betrokken.

Met het Innovatiefonds wil NAJK met de partners Abemec, Agrico, Agrifirm Plant, BASF, Bayer Crop Science, Kwoot, OCI Agro en Syngenta, innovatie bij agrarische ondernemers in de akkerbouw en tuinbouw stimuleren. Ook in 2017 kunnen agrarische ondernemers hun innovaties indienen op www.innovatiefondsvoortelers.nl. De volgende openstelling loopt tot 15 mei 2017.

Bron: NAJK